maandag 14 november 2016

Zoete appeltjes

Hoera!! Een paar jaar hebben we ze niet kunnen eten, ik kon ze simpelweg niet te pakken krijgen.
Afgelopen zaterdag kocht ik een paar kilo zoete appeltjes. Een 'zoete appel' (in dit geval Zoete Ermgaard) is geen handappel maar een stoofappel.



Er zijn verschillende manieren om die klaar te maken. Eén van die manieren vind je hier.

Wat heb je nodig? (Voor 4 personen)

  • ruim 2 kg zoete appeltjes
  • 2 goudreinetten of twee friszure handappels. bijvoorbeeld Jonagold of Jonaprince
  • snufje kruidnagel
  • 2 - 3 cm verse gember
  • een paar handjes gedroogde veenbessen of rozijnen
  • een grote pan


Wat ga je doen?

Doe een bodem water (ca. 1 cm diep) in de pan. Schil de zoete appeltjes, klokhuis eruit en snij de appeltjes in kwarten. Schil ook de handappels, klokhuis eruit en snij in schijfjes. 
Schil de gember en snij deze overlangs door (= 2 stukken gember).
Doe de helft van de zoete appeltjes in de pan, leg daarop de schijfjes van één handappel, de stukjes gember en de helft van de veenbessen.
Doe de andere helft van de zoete appeltjes in de pan, de rest van de schijfjes handappel en andere de helft van de veenbessen.



Zet de pan - met het deksel erop - op een sudderpit, laagste stand. Breng de appeltjes langzaam aan de kook en laat 1 - 1 1/2 uur stoven totdat ze gaar zijn. Hoever je ze laat stoven kun je bepalen door te proeven. Hoe langer ze stoven hoe zachter ze worden. De handappels zullen smelten, de zoete appeltjes blijven heel.
Roer af en toe heel voorzichtig door, maar let er op dat de stoofappels niet kapot gaan.



Je kunt de appeltjes ongeveer een uur voor het eten van het vuur halen. Ze zijn dan nog warm genoeg voor een lekkere maaltijd. Direct van het vuur zijn ze gloeiend heet.

Probeer ze eens met stoofvlees en gebakken aardappels of met een pittige gehaktbal en gekookte aardappels.

vrijdag 28 oktober 2016

Rafiki

Begin dit jaar kocht ik bij Atelier Jaffari een bol Unicat Rafiki. Of - eigenlijk - kocht ik die bol bij Miriam voor het Kenia project van haar middelbare school. Dit is de school waar ik ook mijn tijd heb doorgebracht en die me (stiekem) nog steeds na aan het hart ligt.

Nu staan er op het blog 'Blij dat ik brei' werkelijk een heleboel voorbeelden van dingen die met met Unicat kunt maken / haken. Kijk maar eens hier.... (wel terugkomen hoor ;-). De kleur Rafiki was overigens een speciale editie en is niet meer verkrijgbaar, maar er zijn nog heel veel andere mooie kleurcombinaties.



Maar goed, links en rechts plaatjes bekeken en nagedacht. Ik wilde breien en niet haken, dan vallen er al een heleboel voorbeelden af. Verder wilde ik geen 'streepjes van beneden naar boven' en vind ik ook dat het garen geen ingewikkelde steek nodig heeft.
De bol ging nog een poosje in de kast...

Tot ik op een dag bedacht: breien, van binnen naar buiten, met ajour en dichte randen en de reeks van Fibonacci. Fibo wie??? In 1202 (!) werd deze reeks al door Leonardo van Pisa beschreven als wiskundige reeks. De reeks begint met 0 en 1 en daarna is elk volgende element van de rij steeds de som van de twee voorgaande elementen. De eerste elementen van de reeks zijn dan als volgt:
0, 1, 1, 2, 3, 5, 8, 13, 21, 34, 55, 89, 144.

Ik gebruik de reeks nog al eens bij het handwerken, het geeft namelijk altijd een evenwichtig beeld. Je kunt de reeks steeds laten optellen, maar ook aftrekken. In de sjaal gebruik ik:
3, 5, 8, 8, 3, 3, 5, 1 voor het ajour. De ribbelranden pas ik aan aan de breedte van het ajour, een smalle rand tussen smalle ajourrandjes en een brede tussen de brede.

Ik kies er voor om een rechthoekige sjaal te breien, die wordt uiteindelijk 70 x 140 cm. Je kunt er ook voor kiezen een vierkant te breien, die wordt dan 105 x 105 cm. Wil je het ook proberen? Het is niet heel moeilijk, maar wel heeeeel veel steken. Ik gebruikte 4 (vier) rondbreinaalden van een meter, maat 3.5 mm.


Algemene beschrijving:

Er zitten twee soorten ajourrand in de sjaal. Als je maar op één manier de gaatjes maakt trekt je sjaal namelijk scheef. Brei steeds de randen om en om. Waar je mee begint maakt niet uit.

Zet op twee rondbreinaalden 200 (= 2 keer 100) steken op volgens de toe-up methode van het sokkenbreien. Een duidelijk filmpje vind je hier.
Brei 1 toer recht over alle steken. Verdeel dan de steken voor een rechthoekige sjaal als volgt:
96 st lange kant - 4 st korte kant - 96 st lange kant - 4 st korte kant.
Voor een vierkante sjaal als volgt:
4 x 50 st.

Brei alle eerste en laatste st van je rondbreinaald (dat zijn de steken voor en na de hoeken) als 1 rechte steek.
Brei de gaatjes: brei de eerste steek die (ene na de hoek), haal 1 st recht af, brei de volgende steek, maak een omslag. Brei zo tot de laatste steek (voor de hoek) van je naald. Brei die steek recht.
Of: brei de eerste steek (die ene na de hoek), maak 1 omslag, brei de volgende twee steken recht samen. Brei zo tot de laatste steek (voor de hoek) van je naald. Brei die steek recht.
De volgende toer (en alle even toeren in de gaatjesrand) brei je averecht. Meerder tegelijk voor en na elke hoek 1 st. Je meerdert dus 8 steken in een volledige averechte toer.

Na de gaatjesrand brei je ribbels. Omdat je rond breit brei je de ene toer recht en de andere toer averecht. Meerder voor de rechthoekige sjaal niet aan de korte kanten in de averechte toer. Aan de lange kanten meerder je wel.
Bij de vierkante sjaal meerder je om en om bij de tegenoverliggende zijdes wel en niet.

Brei tot je garen bijna op is.

Voor het afkanten heb je 5 - 10 gram garen nodig. Ik heb de sjaal afgekant met de i-cord cast off.
De 'knitting tips van Judy' zijn heel duidelijk.


Tip van Anna: Dit patroon is heel vergevingsgezind als je een keer vergeet te meerderen, dat zie je niet in het resultaat. Maar: als één keer bent vergeten te meerderen kom je niet uit in de gaatjestoer. Je kunt er dan voor kiezen om óf uit te halen (maar dat is bijna niet te doen) óf de laatste mindering in de toer niet te maken. Dan heb je weer een even aantal steken.



vrijdag 27 mei 2016

Primeur

Deze week had ik een primeur. We zaten er al weken op te wachten..... echte Zeeuwse merinowol.

Janny van Wolboerderij Blij Bezuiden heeft vachten van haar wolmerino's laten spinnen in Cornwall. Het is de bedoeling deze wol te gaan gebruiken bij een korte cursus die dit najaar op de wolboerderij plaatsvindt.
De wol was al een hele poos geleden naar Zuid-Engeland verscheept. En daar bleef het bij. Geen wol retour, geen reactie. De week vóór de wol gereed zou moeten zijn kwam er bericht van de spinnerij: 'Helaas, we zijn vertraagd.' Dat bericht kwam daarna nog een keer.
Omdat we nu toch wel een beetje in tijdnood dreigden te komen - de voorbeelden voor de cursus moesten namelijk nog worden gemaakt - stuurde Janny mij een paar bollen Mackenzie van Ashford.
Deze merino heeft dezelfde dikte, aantal draden en twist en twijn als de wol die Janny laat spinnen.

Ik heb nét de proefbreisels klaar als er bericht komt: de wol is gearriveerd in Koewacht.
Hierdoor heb ik mooi de breikwaliteiten van de Ashford en het BB-garen (ik noem het Blij Bezuiden garen maar even zo :-) kunnen vergelijken. Het BB-garen wordt in twee diktes geleverd: 4-ply en 2-ply. Ik gebruikte de 4-draads.

Altijd spannend om een pakje open te maken.



maandag 23 mei 2016

'Groen' brood

Het Ambachtelijk Molenaarsgilde organiseert een wedstrijd: wie bakt het lekkerste volkorenbrood van Nederland. Je krijgt 1 kg volkorentarwemeel en 10 gram gist van de molenaars die lid zijn van dit gilde. Met 500 gram van dat volkorenmeel bak je een brood. De winnaars van de verschillende voorrondes loten om 10 plaatsen voor een workshop bij meester-bakker en meester-patissier Robèrt van Beckhoven.



Dat is natuurlijk een leuke prijs en wie niet waagt die niet wint.

vrijdag 13 mei 2016

Eten uit de zee - 2

Vandaag ging ik aan de slag met het eerder geoogste en gedroogde zeewier. Sinds enkele jaren maak ik met zeer grote regelmaat crackers met havermout, tarwebloem, pitten en zaden. Het basisrecept vind je hier.


Voor het zeewier paste ik het recept een beetje aan. Zo leek me de combinatie van álle zaden en pitten met zeewier me een beetje heftig worden. Bovendien heb ik de hoeveelheid zout aangepast. Hoewel het zeewier is gespoeld met zoet water voor ik het droogde, bevat het toch nog heel wat zout.

Wat heb je nodig voor een bakplaat van 30 x 35 cm?
(Omdat ik bij dit soort recepten niet alles steeds exact afweeg staan er zowel gewichts- als maateenheden in het recept. De maateenheid 'eetlepel' komt minder nauw dan het gewicht van bijvoorbeeld water.)




  • 100 gram tarwebloem
  • 100 gram havermout (het soort waar je pap van kookt)
  • 2 eetlepels sesamzaad
  • 2 eetlepels zonnebloempitten
  • 2 eetlepels lijnzaad
  • 2 eetlepels zeewier: ik gebruikte gedroogd Japans bessenwier = 7 gram
  • wat stukjes gedroogde zeesla, vooral voor de kleur
  • 3 gram zout
  • 3 eetlepels olie, ik gebruik meestal koolzaadolie
  • 100 gram water + een beetje

Wat ga je doen?



  1. Doe eerst alle droge ingrediënten in een bak of kom. Meng de ingrediënten goed.
  2. Voeg de olie toe.
  3. Voeg 100 gram van het water toe. Nu goed roeren. Als het mengsel een dikke stopverf wordt is de structuur goed. Voeg eventueel nog een klein beetje water toe. Het mengsel mag echter niet te nat worden. Al het vocht moet je er namelijk weer uit bakken.
  4. Laat dit minimaal 1/2 uur staan. Het geheel zal nu een plakkerig mengsel worden wat zich goed uit laat rollen.
  5. Verwarm de oven voor op 220 C hetelucht.
  6. Stort het mengsel op de bakplaat en rol uit met een (kleine) deegroller. Zorg er voor dat het deeg overal even dik op de bakplaat ligt. Let vooral op de randjes, als die (veel) dunner zijn zullen ze verbranden.

  7. Prik de uitgerolde deeglap in met een vork, of gebruik een deegroller met 'punten'. 
  8. Snij de deeglap in stukken met een mesje.
  9. Bak 6 minuten.
    Doe de oven open (waterdamp kan nu ontsnappen) en keer de bakplaat voor <-> achter.
    Bak opnieuw 6 minuten en doe opnieuw de oven open.
  10. Verlaag de oventemperatuur naar 200 C hetelucht.
    Bak 3 minuten, doe de oven open en keer de bakplaat.
    Bak opnieuw 3 minuten.
  11. Bij mij zijn nu de eerste crackers mooi goudbruin. Die haal ik van de bakplaat en laat ze afkoelen op een rooster.
  12. Herhaal stap 10 steeds met 2 of 3 minuten tot alle crackers goed zijn.
Het resultaat is een hele lekkere, zilte cracker.

zaterdag 23 april 2016

Eten uit de zee

Melk komt uit een pak en een appel uit een (plastic) zak. Of toch niet? Gelukkig wonen wij in een omgeving waar je kunt zien hoe je eten groeit. Aardappels, eieren, uien, aardbeien, asperges, kersen, peren....wij kunnen alles aanschaffen bij de teler / boer / kweker binnen een straal van 7,5 km van ons huis.
Dat vinden we best een luxe.



Vandaag zijn we bezig geweest met eten uit de zee. Er groeien heel veel lekkere dingen in de zee; mossels, Zeeuwse platte (oesters), krukels en zeewier. Al jaren zeiden de meester en ik tegen elkaar dat we daar graag wat meer van zouden willen (w)eten: zeewier.
Onze belangrijkste vraag was: is alle zeewier eetbaar????



woensdag 20 april 2016

Broeden

Vandaag is het een beetje een rare dag. Voor de allerlaatste keer heb ik een lunchpakket klaargemaakt voor school: 5 boterhammen, mueslireep, appel, flesje water. Het is 18 jaar geleden dat ik daar mee ben begonnen.



Oudste was nog maar drie jaar toen zij al naar de basisschool mocht. De instroomgroep had te weinig leerlingen. Daarom mochten alle kinderen die voor de herfstvakantie vier jaar zouden worden ook al komen. Ze heeft het vanaf dag één naar haar zin gehad op school.
Nog steeds trouwens, ze is inmiddels derdejaars logopedie en zit helemaal op haar plaats in Nijmegen.

Jongste start op 02 mei met haar eindexamens. De (internationale) IB-examens houden geen rekening met Nederlandse vakanties of feestdagen. Daarna start zij op 12 mei met het Nederlandse centrale examen. Volgend collegejaar begint ze met de opleiding maritieme techniek in Delft.
En omdat zij vandaag haar allerlaatste lesdag heeft, heeft mams vandaag haar allerlaatste school-lunch-pakketje klaargemaakt.

Creariet: baret met bloemen
Die 18 jaar zijn voorbij gevlogen. En daarmee kom ik op het onderwerp van dit berichtje. Er wordt wel eens aan mij gevraagd waar we alle ideeën voor patronen en maaksels vandaan halen. Er wordt ook wel eens gedacht dat je een patroon net zo snel maakt / schrijft als het wordt gelezen als het af is.

Om met het laatste te beginnen: het breien en schrijven van een patroon voor bijvoorbeeld een trui kost zeker 100 uur. Ik ben een snelle breister, dat vraagt meestal 40 - 60 uur. Het uitdenken van het idee tot aan het proefbreien kan zo maar meer dan een jaar in beslag nemen.